Zelfvertrouwen

De burgemeester van Amsterdam, Eberhard van der Laan, heeft een vraag over zelfvertrouwen ingediend voor op de Nationale Wetenschapsagenda. Hij vraagt zich af welke factoren bepalen of iemand zelfvertrouwen ontwikkelt (of juist niet) en welke van die factoren beïnvloedbaar zijn. Een interessante vraag vind ik, die hopelijk een heleboel bruikbare antwoorden gaat opleveren. Gelukkig is er al een hoop onderzocht en ontwikkeld op het vlak van zelfvertrouwen en het vergroten ervan en zijn er diverse organisaties die hier ondersteuning in bieden. Naar mijn idee heeft zelfvertrouwen betrekking op het beeld dat je hebt van jezelf: hoe kijk je tegen jezelf aan, hoe beoordeel je je eigenschappen, je capaciteiten, je prestaties? Ik ben ervan overtuigd dat je als volwassene zelf invloed uit kunt oefenen op je zelfbeeld, je zelfvertrouwen. Ik deel hier graag twee oefeningen met je die je kunnen helpen positief(er) naar jezelf, je prestaties of je capaciteiten te kijken.

  • Dagelijks opschrijven van 3 dingen die je die dag goed gedaan hebt. Wat ging er goed en wat was jouw rol daar in? Als je uitblinkt in kritisch naar jezelf kijken, zal dit nog best een lastige kunnen zijn, en des te beter om dit te oefenen! Door dit iedere dag te doen, train je jezelf om (meer) op positieve aspecten te letten en om meer aandacht te hebben voor wat je wel kunt.
  • De oefening hierboven is erop gericht om je zelfbeeld in zijn algemeen positiever te maken. Om meer vertrouwen te ontwikkelen in specifieke capaciteiten of vaardigheden, kun je stilstaan bij je succeservaringen en wat je tot nu toe al bereikt hebt ten aanzien van het punt dat je wilt ontwikkelen. Deze oefening is ontleend aan de oplossingsgerichte methode van coachen. Stel je voor je hebt moeite met ‘nee’ zeggen wanneer anderen je vragen om iets voor hen te doen, meestal pak je gelijk de vraag van de ander op. Je wilt leren om ‘nee’ te verkopen, maar je weet niet hoe, je twijfelt of je het überhaupt kunt. Je kunt jezelf helpen om meer oog te hebben voor wat je al wel lukt op het vlak van ‘nee’ zeggen. Dit doe je door bij jezelf na te gaan wanneer het je al eens (een klein beetje) beter lukte om ‘nee’ te zeggen. Het is namelijk niet altijd even moeilijk, er is altijd sprake van een uitzondering, hoe klein ook! Wat was er anders? Wat deed jij anders waardoor het toen een beetje beter ging? Wanneer je zo’n uitzondering ontdekt, kan dit je al helpen om positiever tegen je ontwikkelpunt en je vermogen om je hierop te ontwikkelen aan te kijken. Daarnaast biedt die uitzondering je ook aanknopingspunten voor manieren om beter ‘nee’ te leren zeggen. Als je concreet kunt maken wat je anders deed, waardoor het een beetje beter ging, dan kun je dat vaker toepassen en verder ontdekken wat voor jou werkt.

Dit vind je mogelijk makkelijker gezegd dan gedaan. Wellicht is er bij jou sprake van een ingebakken gewoonte, zit je er zelf nog wel eens te veel in om onbevangen en met een frisse blik naar je mogelijkheden te kijken. Ook dan kun je leren anders te kijken en te oordelen. Wil je weten hoe of heb je andere vragen? Neem dan vooral contact met me op, ik help je graag op weg!

Ellen de Graaf